EEN NIEUW NOORS AVONTUUR

>>>>> Terug


SÆTERVIKA 2008

In de namiddag van 6 september 2008, daags na ons vertrek vanuit Geldermalsen, kwamen we na een reis van zo’n 25 uur, aan bij ons huisje in het Noorse dorpje Sætervika (gemeente Osen). Een prachtig huisje (rorbu 9) in een idyllische baai. De eigenaar, Rune genaamd, was snel gevonden en bleek een super vriendelijke en hulpvaardige man. Hij wees ons snel de weg en gaf alvast wat eerste instructies.
De bootjes waren ook perfect. Bootjes zoals we die eerder ook al eens hadden gekregen in het iets zuidelijker gelegen Hitra. Aluminium, welhaast onverwoestbaar en uiterst stabiel. Toch ook erg wendbaar en met de 50 pk yamaha-motor snel voortbewegend. De boten waren voorzien van een dieptemeter doch niet van een GPS. Die waren volgens Rune niet nodig. Oriënterend op een aldaar aanwezige vuurtoren kon je immers overal de weg terugvinden, zo werd ons duidelijk gemaakt. Wel kregen we nog waterkaarten en daarbij aanwijzingen voor het vinden van de betere visstekken. Er zou met name veel makreel zitten volgens Rune. Hij zei dit op een manier die veronderstelde dat we door die mededeling erg blij moesten worden. Wellicht dat Duitsers graag makrelen uit Noorwegen meenemen, maar wij kwamen toch echt voor andere en grotere soorten!



Op een zonnig terras werd lekker bijgekletst terwijl de eerste (gekoelde) biertjes van de meegenomen voorraad werden aangesproken. Het visgevoel kriebelde dusdanig dat Jan, Wim en Johan toch vrij snel als eersten met bootje 7 het water op gingen. Bedoeling was het fjord in te gaan om daar enkele aasvisjes zoals makreeltjes te vangen om vervolgens daarmee, met de gehele groep, grotere vissen te gaan vangen.
Met licht materiaal werd er even leuk verkennend gevist. Na zo’n 1,5 uur vissen bestond de vangst van dit bootje uit een diverse koolvisjes, makreeltjes, een gewone (grauwe) poon, een rode poon, een polakje, een mooie kabeljauw en een mooie grote geep, een soort waarvan we er later geen meer zouden vangen.
Bij terugkomst bleken Simon, Hendrik Jan en Theo met boot 8 te zijn uitgevaren. Zij waren iets meer richting open zee gaan vissen. Toen zij terug kwamen konden zij eveneens vangsten van diverse vissoorten melden . Zij hadden namelijk diverse mooie makrelen gevangen, schelvis, leng, lom, koolvis en een roodbaars. Met name Theo was erg in zijn nopjes. In zijn eerste uur vissen in Noorwegen had hij toch al zo’n 5 tot 6 vissen gevangen.
We waren natuurlijk allemaal zeer moe en er werd die dag dan ook niet meer gevist. Nadat wij hadden genoten van een heerlijk Indisch gerecht, voorgezet door onze meegereisde kok, Wim, werd er gezellig geborreld. We kregen daarbij nog gezelschap van een Fin die in een van de andere huisjes verbleef. Ook Rune kwam nog even gezellig bij ons zitten. Hij liet die avond ook nog ‘Per’ opdraven, een dorpsgenoot die ons een keer op zijn charterboot mee kunnen nemen. Ook Per bleek een en al vriendelijkheid en deed lekker een biertje mee.



De eerste echte visdag
De volgend ochtend werden Saskia en Simon al vroeg gewekt door schreeuwende en krijsende meeuwen. Enkele van ons, die verder anoniem willen blijven, hadden namelijk het visafval van de dag tevoren onbedekt onder hun slaapkamerraam gezet. Dit betekende natuurlijk dat ook de rest er vroeg uit moest. Om 7.00 uur zaten we dan ook al in onze bootjes op weg naar het eilandje met de vuurtoren, dat op zo’n 30 minuten varen lag. Aldaar werden aan alle kanten diverse driften gemaakt. Op de boot van Johan waren er voortdurend discussies. Dan wist Jan en dan wist Wim weer beter hoe we moesten driften. Resultaat was uiteindelijk dat deze boot een beetje doelloos ronddreef. Toch konden er enkele mooie vangsten worden geregistreerd van kabeljauw en polak.



De andere boot had het voordeel dat zij de GPS van Johan aan boord had. Deze gelukkige vissers konden steeds feilloos terugkeren naar de vangstplek en wisten uiteindelijk dan ook meer vangsten te melden. Zij hadden tal van mooie polakken weten te haken waarvan de meesten met gebruikmaking van shads. Met licht materiaal werden de shads in hoog tempo binnengevist. Met name Theo wist zich hierin te onderscheiden. Helaas werd ook hij misselijk van dit onverwachte succes en besloot hij op enig moment de vissen te gaan voeren.
Na een korte middagpauze werd uitgevaren naar een andere stek die op de waterkaart als ‘goed’ aangemerkt was door Rune. Een ondiepte variërend van zo’n 30 tot 60 meter op open zee.
Ook op deze stek werden door beide bootjes diverse mooie vissen gehaakt. Hoewel er ook wel weer polak werd gevangen, waren nu de kabeljauwen in overtal. Iedereen ving wel een groot exemplaar en Johan wist dan ook met zijn camera diverse drillen, zowel in het ene als in het andere bootje, vast te leggen. Kampioen van deze middag was toch wel Theo, die een kabeljauw van 97 cm wist binnen te slepen.



Direct na terugkomst werd gestart met het verwerken van de gevangen vis. Ieder begreep zijn taak en een geoliede machine ging in werking; messen slijpen, fileren, ontvellen, spoelen, verpakken en invriezen. Bij dit proces bleek overigens dat de Duitsers enkel vissen stonden te verwerken die wij steeds als ondermaats overboord hadden gegooid. Zij deden dit overigens wel met Zwitserse precisie.
Onze bolle Sæetervikaan ‘Per’ was tussendoor ook nog komen kijken om nog even de laatste stand van zaken door te geven met betrekking tot de weersgesteldheid en zich ervan te vergewissen dat we toch zeker de volgende dag met hem mee zouden meegaan. Gezien de bewonderde blik die hij wierp op onze kratten vis, hadden we het kennelijk niet slecht gedaan. Afgesproken werd de volgende ochtend om 9.00 uur uit te varen.
Voor een korte filmimpressie van een aantal vangsten van deze dag “klik hier

Een grootse visdag met de ‘Svellungen’
Iets later dan gepland vertrok onze boot die de naam ‘Svellungen’ had gekregen. Naast ons Hollands gezelschap gingen er nog twee Finnen mee De ene greep al in het eerste kwartier varen naar zijn fles whisky en even later zouden beiden overgaan tot het nuttigen van diverse blikjes bier. Uiteindelijk konden enkelen van ons dan ook genieten van een brakende en spuwende Fin die het braaksel iets te vroeg, dus op de boot, loste…..



Na twee uur te hebben gevaren waren we aangekomen op onze eerste stek. Hoewel daar direct een aantal mooie grote kabeljauwen gevangen werden was het niet echt spectaculair. Toen enige tijd geen aanbeet meer kon worden geregistreerd besloot Per maar te verkassen. Dit tafereel werd die dag vele malen herhaald.
Er werden tijdens al die driften ook wel weer veel kleinere, met name koolvissen gevangen. Een paar keer zorgde juist een kleine koolvis aan de pilker weer voor de vangst van een grote kabeljauw. Ook werden er, met name door Hendrik Jan, nog tal van lommen gevangen. Theo leverde ook zijn bijdrage aan de gevangen soorten; Hij wist namelijk met zijn shadje een zeemeeuw te haken waarna hij de vliegerkunst mocht beoefenen.
Een aantal mensen van ons gezelschap verspeelden die dag nogal wat materiaal. Bijzondere vermelding hierbij verdient toch wel onze vermaarde ‘big game’-visser Wim, die het voor elkaar kreeg tot drie maal toe een grote vis te verspelen door de lijn te laten breken. Ook Hendrik Jan verloor veel materiaal. Hij had ook wel bijzonder veel tegenslag. Zelfs toen hij uit voorzichtigheid slechts halverwege de totale diepte ging vissen kwam hij nog aan de grond vast te zitten (?). Een keer wist hij een oud vistuigje van een Zweed op te halen waarmee hij Wim weer van visgerei voorzag. Dit had hij misschien beter niet kunnen doen. Enige tijd later namelijk zaten beiden mannen, de een aan bakboord en de andere aan stuurboord, onder de boot in elkaars lijnen vast en hebben zij elkaar ongeveer 45 minuten staan binnendrillen. Hendrik Jan zou overigens voor alle tegenslag nog wel beloond worden met een schelvis van maar liefst 60 cm.
Tijdens een van de driften deed Simon, die ook al een mooie roodbaars had gevangen, nog een opmerkelijke vangst. Pilkerend op de bodem kreeg hij plots een mooie aanbeet. Simon startte met binnenhalen en voelde daarbij weliswaar het nodige gewicht aan zijn hengel doch niet echt de bewegingen van een vis die nog voor zijn vrijheid vecht. In de woorden van Simon was hij ‘een vuilniszak aan het ophalen’.
Na enig takelwerk kwam de vangst boven. Een aantal van ons die de mysterieuze vangst boven zagen komen, sprongen geschrokken weg….de grote lelijke kop van een forse zeeduivel was namelijk boven de waterspiegel verschenen. Uiteraard bewaarde Simon kalmte. Behoedzaam werd het bakbeest met behulp van Per aan boord gehesen waarna Simon direct een vreugdedansje maakte en trots zijn 9 kilogram zware zeeduivel aan alle fotografen en filmploegen toonde. Zijn dag was eigenlijk al geslaagd.


De tijd waarvoor wij de boot hadden afgehuurd verstreek allengs terwijl wij niet eens de vangsten van de vorige dag hadden geëvenaard. Kennelijk voelde Per zich hierover schuldig want hij bleef aanleggen en driftjes maken. Helaas kwam er niet veel vis bij.
Toen het langzaam donker dreigde te worden kon Per niet anders dan de pijnlijke beslissing te nemen om weer huiswaarts te gaan. Toen we echter na enig varen teruggekomen waren in ons bekende wateren, vroegen we of we misschien niet toch nog een driftje konden maken. Onze vriendelijke en altijd lachende Per liet zich snel overhalen en bracht de motor even later tot stilstand.
Al vrij snel werd op het achterdek een eerste serieuze beet geregistreerd. Halverwege het binnenhalen greep een vis de pilker om vervolgens behoorlijke klappen op de top te geven en zo’n honderd meter lijn mee te nemen. Na een lange dril waarin de vis nog diverse keren lijn zou nemen, gaf hij zich over. Het bleek om een groot exemplaar koolvis te gaan. Kort na deze vangst beleefde men op het voordek eenzelfde avontuur waarbij het wederom om een koolvis handelde. Dit zou zich nog tweemaal herhalen waarna het even stil viel. Juist toen wij Per hadden gevraagd of hij diezelfde drift nog eens wilde maken sloeg weer een koolvis toe op de pilker van Simon. Vervolgens ontstond een waar gekkenhuis. Het Hollandse gezelschap had naar aanleiding van de kreten van de vangers, de vistechniek aangepast en plots had eenieder een aanbeet. Er was kennelijk een school grote koolvissen die met de boot mee bleef zwemmen, misschien wel de gehaakte koolvissen bleef volgen.
Iedereen stond met een kromme hengel en gierende molen die gedwongen werd de gehaakte vis lijn te geven. Van alle zijden klonken enthousiaste kreten en overal prijkten blije gezichten bij het drillen van de 8 tot 12 kilogram zware koolvissen, die over het algemeen zo’n 90 tot 100 cm groot waren. De drillen duurden over het algemeen zo’n 10 tot 20 minuten. Vaak namen de koolvissen dusdanig veel lijn dat zelfs de inferieure onderdraad, bedoeld ter opvulling van de molen, gebruikt moest worden. Ook dit leidde dan weer tot spanning. Zou de lijn en de verbindingsknoop het wel houden?
Sommigen onder ons moesten van vermoeidheid na zo’n drie tot vier drillen afhaken. De Finnen overigens hadden daar niet zo’n last van. Zij hadden de in het Nederlands geroepen aanwijzingen niet kunnen volgen en bleven dan ook nagenoeg geheel verstoken van aanbeten….haha
Toen we uiteindelijk zo’n zeven bakken vol met vis hadden en het ook werkelijk donker was geworden, namen we in onderling overleg met Per het besluit huiswaarts te varen. Dit overigens terwijl de koolvis nog wel door wilde gaan!
Het moge duidelijk zijn dat we bij aankomst veel bewondering oogstten, niet alleen van Saskia, die de mannen met een rugzak bier kwam binnenhalen, maar ook van andere aldaar aanwezig Duitse vissers. Simon bleek uiteindelijk de grootst gemeten koolvis te hebben gevangen. Deze was 106 cm groot en woog 13 kg. Toen Johan wilde overgaan tot het meten van de koolvis die hij tesamen met Hendrik Jan had gevangen (overname tijdens dril) bleek dat een van de andere vissers, die kennelijk anoniem wilde blijven, deze maar even snel had geslacht. Mogelijk was het een van de Finnen geweest die enkele koolvissen uit onze bak had geplukt….hoho!



Nadat iedereen Per persoonlijk en uitgebreid had bedankt en Simon hem ook nog een goede fooi had gegeven voor zijn toewijding, gingen we over tot het verwerken van de vis. Ons gezelschap ontpopte zich weer als een waar visverwerkingsbedrijf, een geoliede machine waarin iedereen zijn taak vervulde. Vanwege de grote hoeveelheid vis duurde het desalniettemin uren voordat alle gefileerde vis zijn weg in de vriezer had gevonden. Iedereen was dan ook erg moe toen we rond de klok van 0.30 uur (!) aan het eten konden beginnen. Diversen onder ons vonden daarna nog de kracht de succesvolle dag met een drankje te vieren.
Voor een korte filmimpressie van enkele vangsten van deze dag “klik Hier” (hier hyperlink naar http://www.youtube.com/watch?v=areIncz-q-I)
8 september 2008, een (maan)dag om bij te komen
Deze dag sliep iedereen natuurlijk lekker uit. Eenmaal uit bed bleek de vorige dag duidelijk zijn sporen te hebben achtergelaten. Iedereen was toch wel moe en sommigen ziek, zwak en misselijk. Er werd in de ochtend wat gewandeld door het dorp en toen weer wat geluierd en gegeten.
Er werd wel wat gevist maar er werd niet ver uitgevaren. De zee was namelijk onrustiger geworden. Mede hierom werd er ook weer in het nabijgelegen fjord gevist. Hoewel de vangsten die dag niet spectaculair waren, werden er toch weer diverse mooie polakken gevangen.
Aan het eind van de dag werd het gezelschap opgesplitst. Een groep besloot elanden te gaan bezichtigen in de bosrijke omgeving, de andere groep besloot achter te blijven. Hendrik Jan en Johan gingen op de pier, die de afscheiding van de baai vormde, vissen met lichte pilkertjes. Diverse meesten pilkertjes moesten helaas achtergelaten worden op de bodem van de Noorse zee, hetgeen met name bij Hendrik Jan, die toch al met zware verliezen te kampen had, zwaar aankwam.
De elandspotters hadden juist op een moment dat ze de hoop al hadden opgegeven, in de schemer een moeder met haar jong gezien. Zij kwamen dan ook enthousiast terug waarna er gezamenlijk zuurkoolstamppot met spek en worst werd gegeten. Daarna zakte iedereen er lekker onderuit om te kijken naar de film Noorwegen XXL van Joop Folkers die weer wat noordelijker in Noorwegen was opgenomen.

Pilkers gevraagd
De volgende dag, te weten dinsdag 9 september2008, zou Theo met het vliegtuig vanuit Namsos vertrekken. Hij ging dan ook niet meer mee vissen. Juist voor het afvaren van de boten 7 en 8 werd er dan ook uitgebreid afscheid van hem genomen.
Eerst voeren we naar de stek die wij als plan B aanduidde en op zo’n 1,5 km varen lag. Dit in een poging enkele aasvisjes te vangen. Dit liep ook gesmeerd. In vrij korte tijd werd een behoorlijke partij makreel gevangen terwijl Johan als bijvangst ook nog een mooie kabeljauw wist te haken. Vrij snel kon er dan ook weer worden doorgevaren naar het vuurtoreneiland waar volgens Hendrik Jan de hel begon. Terwijl we zo nu en dan keken naar de schilders die bezig waren de vuurtoren te schilderen werden er tal van driften gemaakt op diverse plaatsen. Aanvankelijk vielen de vangsten tegen, maar na enkele plaatsen te hebben afgevist vond boot 7 van Jan, Johan en Simon de stek. Boot 8 had ook wel een stek doch daar ving men geen knoop aldus Hendrik Jan. Wel was die stek verzot op het mooie materiaal van deze vissers. Opgetekend werd:
Boot 8 begreep de vissport niet helemaal. Na 2 kleine koolvisjes verloren we pilker 1, waardoor we er nog 25 hadden te gaan. Na 4 koolvisjes en ene worm (lom) ging pilker 2. Na 3 koolvisjes en 3 lommen ging pilker 3 enz enz. Uiteindelijk bereikten we de totale score van 25 pilkers. Wim wilde solidair zijn met Hendrik Jan en gooide zijn pilkers daarom maar zo overboord. De doelstellingen werden bijgesteld: niet meer zo veel mogelijk vis vangen, maar zo snel mogelijk de uitrusting dumpen.
Ondanks alle tegenslag wist Wim tussendoor wel weer een nieuw soort te vangen, te weten een doornhaaitje. Met zijn lichte hengel had hij genoten van de dril.
Toen boot 7 van die vangst hoorde werd boot 8 direct van haar plaats verdrongen. Tijdens de driften die toen gemaakt werden wist Simon telkenmale een mooie polak te haken. Ook Jan lukte dit diverse malen doch steeds weer gebeurde er iets waardoor hij de vis verloor. Wij zullen hier niet verder over uitweiden. Johan had besloten zwaarder te vissen met de heilbotonderlijn. Dit leidde tot de vangst van diverse grote lommen en twee mooie exemplaren doornhaai, waarvan de grootste één meter lang was. Later ging hij mee pilkeren en wist ook nog diverse polakken te pakken.
Boot 8 was op enig moment door haar uitrusting heen en verliet vroegtijdig het visgebied richting het huisje. Even later kwam echter het telefonisch bericht dat zij zonder olie op open zee aan het dobberen was. Alsof er geen einde wilde komen aan de pech van deze mannen. Direct werd een reddingsoperatie ingezet. Eenmaal in de buurt van de huilende mannen aangekomen werd natuurlijk eerst nog even gas bijgegeven en gedaan alsof we hen niet zagen. Zij waren echter zo zielig dat we die grap maar snel afgekapt hebben. Na boot 8 van olie te hebben voorzien werd onderweg naar het huisje nog even een stek aangedaan waar nog mooie kabeljauw werd meegenomen.



Teruggekomen bij de huisjes werd bij een biertje lekker gebakken vis gegeten. Tussendoor waren er weer fotosessies waarbij Johan zich op enig moment prikte aan een doorn van de doornhaai. Aanvankelijk werd hieraan weinig aandacht geschonken. Toen we echter even later met de kratten vis naar de schoonmaakruimte liepen klonk het vanuit het huisje: “Johan de doornen van een doornhaai zijn giftig!”. Ondanks het feit dat Simon nog had gezegd met die mededeling even te wachten tot Johan klaar zou zijn met het schoonmaken van de vis, had Hendrik Jan niet kunnen wachten met de informatie die Saskia op internet had gevonden. De vaste lezer van deze verslagen zal overigens duidelijk zijn dat Johan niet koud of warm werd van dit nieuws. Alsof er niets aan de hand was ging hij door in een poging nog voor zijn dood de vis voor zijn vrienden te verwerken. Nieuw voor ons was overigens wel het schoonmaken en fileren van de doornhaai. Deze heeft geen graten maar enkel een soort ruggewervel die vrij makkelijk te verwijderen is.
Hendrik Jan en Simon gingen ‘s avonds nog even met lichte hengels op de rotsenpier vissen. Hendrik Jan ving daarbij een mooie polak die hem direct alle ellende van de dag deed vergeten.
Even tijd voor wat anders
De Woensdag begon erg winderig en wel dusdanig dat het uitgesloten was ver de zee op te gaan. Er werd dan ook maar even in de nabijheid van onze baai gevist. Ook dat was echter geen succes . Zelfs in het fjord bleek de wind zo sterk dat zelfs in de luwte van een eiland de boot zo snel afdreef dat goed vissen erg moeilijk was. Al snel gingen de bootjes dan ook terug naar het huisje voor een heerlijke kop koffie.
De wind wakkerde alsmaar aan en besloten werd dan ook niet meer uit te gaan. Zelfs in onze baai ontstonden er op een gegeven moment witte koppen op het water. Op enig moment ontstond er ook wat commotie rondom het feit dat er nog een tweetal Duitse vissersbootjes niet binnen was. Zij zouden echter veel later, badend in het angstzweet, toch nog veilig binnenkomen. Dit voorval bracht in herinnering dat Per had verteld dat er hier kort geleden vier Duitsers waren omgekomen toen ze verrast waren door hevige wind. Toevalligerwijs valt er op de internetsite van de Eurovissers ook een verslag te lezen waarin melding wordt gemaakt van vier Duitse vissers die bij Trondheim zijn omgekomen nadat zij overvallen werden door plotseling opstekende wind. Wellicht gaat het daar dus om hetzelfde voorval.
Simon en Saskia besloten met de auto de omgeving te verkennen. Voor de achterblijvers werd het een middagje toepen waarbij uiteraard een bescheiden biertje werd gedronken. Toen Simon en Saskia terugkwamen van hun intieme reis, troffen zij nagenoeg iedereen slapend aan. Enkel Hendrik Jan was weg en wel met een van de boten. Zijn plan was om juist buiten de baai de boot aan een paal te binden en daar een mooie polak te vangen. Ditmaal echter zonder succes.
Zowel Hendrik Jan als Wim gingen die dag ook nog even vanaf de rotsenwand van de baai vissen. Met een lichte pilker wisten beiden diverse makrelen te haken. Wim deed dit ’s avonds in de veronderstelling dat we de volgende dag zouden vertrekken. We hadden namelijk inmiddels uit diverse bronnen vernomen dat de wind de volgende dag ongeveer gelijk zou blijven. Schoorvoetend werd dan ook gedurende die dag besproken om dan maar een dag eerder te vertrekken. Welnu er was nog laadruimte en Wim wilde graag nog wat makreeltjes meenemen.

De dag dat we (niet) vertrokken
Omdat de weersomstandigheden toch niet bijster waren hadden we ons niet voorgenomen vroeg op te staan. De eersten die wakker werden zagen ook direct dat er weinig verandering gekomen was in de weersomstandigheden en de anderen werden dan ook niet gewekt. Druppelsgewijs kwam een ieder die ochtend richting huiskamer. De vorige dag hadden we al besproken dat we bij onveranderde weersomstandigheden zouden vertrekken en iedereen begon dus al langzaam te pakken. Na het ontbijt werd er echt werk gemaakt van het vertrek. Alle hengels werden afgetuigd en visspullen ingepakt. De boten werden schoongemaakt en de auto’s ingeladen. Toen de laatste van ons, te weten Jan, nog even ging douchen voor het vertrek, ging de wind plots liggen…….. Simon en Johan bekeken de situatie en bespraken in eerste instantie vluchtig maar later serieuzer de mogelijkheid om toch nog even te gaan vissen. De anderen werden erbij betrokken en omdat er weinig weerstand ontstond werd besloten de visspullen toch maar weer uit te pakken om nog een vismoment te pakken. Toen Jan werd toegeroepen onder de douche dat de plannen gewijzigd waren en we toch nog zouden gaan vissen, lachte hij hartelijk, denkend dat wij een grapje met hem uithaalden. Het kostte ook even moeite hem ervan te overtuigen dat we serieus waren.
In snel tempo werden de visspullen weer uit de auto gehaald en werden de hengels weer opgetuigd. De weersomstandigheden leken alsmaar beter te worden en ook van Rune kregen we het bericht dat de wind nog verder zou gaan liggen. Onder een lekker zonnetje en gematigde wind voeren we dan ook uit naar waypoint 162 om daar wat aasvis te vangen en vervolgens door te varen naar het vuurtoreneilandje waar we de laatste keer een mooie bak polak en enkele haaien hadden weten te vangen. Helaas bleek 162 deze keer niet zoveel makreel te geven als de dagen tevoren. Er werden slechts enkele aasvisjes gevangen, maar overigens nog wel een mooie polak (Johan).



Toen het niet echt wilde lukken werd op enig moment besloten door te varen naar het vuurtoreneilandje. Tijdens het varen ondervonden we niet alleen dat de wind van de voorbije dag toch nog de nodige deining had achtergelaten maar ook dat de wind weer langzaam begon aan te trekken. De voorspelling echter was dat de wind zou gaan liggen en we maakten ons dan ook geen zorgen en voeren gestaag door. Omdat we de wind in de rug hadden en op de deining mee konden liften ging het van een leien dakje.
Eenmaal aangekomen bij het eiland besloten we om achter het eiland in de luwte driftjes te maken. Iedereen viste wel anders. De een had een dwarrellijn met een stuk vis, de ander een shad of een pilker met een stukje vis. Ondanks deze totaal andere vismethoden kreeg iedereen wel beet. Er ontstonden schitterende vismomenten zoals we die zelden hebben meegemaakt. Een grote school doornhaaien joeg namelijk rondom de punt van het eiland en bleek een enorme voedselnijd te hebben.



We vingen tal van mooie exemplaren, vaak rond een meter groot. Hoewel ze minder strijd gaven als de koolvissen die we op de boot van Per hadden gevangen was het toch spectaculair binnenvissen. Bij het binnenhalen van een gevangen haai, zwommen er soms een aantal mee die alsnog het aas bij de gehaakte vis uit de bek wilde halen. Zo had Wim een gedrilde haai al moegestreden aan het wateroppervlakte drijven, toen er een andere haai over heen sprong en pardoes de lijn doorbeet zodat Wim, zoals zo vaak, het nakijken had.
Het genieten van de mooie haaienvangsten begon op enig moment plaats te maken voor gevoelens van bezorgdheid. We hadden namelijk gemerkt dat in tegenstelling tot de voorspellingen, de wind juist weer was gaan aanwakkeren. Achter het eiland manifesteerden de witte koppen zich steeds nadrukkelijker. Dit vroeg natuurlijk om overleg tussen de boten. We konden wachten tot de wind misschien toch nog zou gaan liggen, maar het kon natuurlijk ook nog erger worden. In eerste instantie besloten we te wachten, maar toen de wind alsmaar aanhield, moesten we toch de doorsteek maken.
Het werd een helse tocht. De golven die we loodrecht moesten doorkruisen, bereikten hoogtes van 1,5 meter en kwamen vaak kort achter elkaar. De boten kletterden golf na golf vaak keihard op het wateroppervlakte en het zoute zeewater sloeg met bakken over en in de boot. Vanuit de boot van Jan en Johan kon waargenomen worden dat de boot van Hendrik Jan, Wim en Simon op een gegeven moment bijna steil de lucht in ging om vervolgens toch weer met de punt naar voren te duikelen.
Het traject dat normaal in zo’n 30 minuten kon worden afgelegd duurde nu zo’n 1,5 uur. Drijfnat en moe kwamen we uiteindelijk bij de huisjes waar Saskia natuurlijk blij was om ons weer te zien. Er ontstond een sfeer van opluchting en blijdschap waarin nog enkele leuke fotosessies werden gehouden. Daarnaast werd door Saskia nog het een en ander op film vastgelegd. Vervolgens werd er overleg gepleegd. Met name op aangeven van Simon werd besloten om die dag toch nog te vertrekken.


Met vereende krachten werden de gevangen haaien verwerkt tot filets en vervolgens ingepakt. Toen dat eenmaal was gebeurd werd alles weer klaar gemaakt voor vertrek. Uitgebreid en hartelijk werd er afscheid van Rune genomen. Wij allen waren hem zeer dankbaar voor het bijzonder prettig verblijf dat wij hadden gehad. Om ongeveer 17.15 uur stapten we in onze auto’s om aan de lange terugweg te beginnen. Mede vanwege tal van files in Duitsland, zouden we er uiteindelijk zo’n 27 tot 29 uur over doen om thuis te komen. Ondanks die lange vermoeiende reis kunnen we terugkijken op een schitterende vakantie die ons allen nog lang bij zal blijven!

Jmaj.thielen@hetnet.nl